13-04-2016

Theater als centrum van de wereld

‘Schrijf een artikel waarin je ingaat op Leiderschap in Cultuur’. Met die opdracht ging de tweede lichting van leerprogramma Leiderschap in Cultuur aan de slag. Om los te komen van de dagelijkse gang van zaken, werd een stip op de horizon geplaatst: hoe ziet de sector eruit in 2040? Lees nu de bijdrage van Wiepke Westbroek:

 

Vrijdag 18 mei 2040

Vanaf de vroege ochtend is het een komen en gaan in het stadstheater. Via de irisscan lopen bezoekers in en uit. Het theatercafé zit vol. Er is altijd iets te zien of te doen. Voorstellingen, openbare repetities, openbare ontmoetingen tussen kunstenaars en beleidsmakers, themaprogramma’s, theatrale bedrijfsworkshops met slotfeest. Een bont gezelschap aan artiesten, denkers, doeners, geïnteresseerden, passanten, toeristen, jong en oud.

Voor iedereen is er iets te vinden. Actuele thema’s zijn gekoppeld aan programma’s, voor iedereen toegankelijk. Deelname is facultatief, maar niet vrijblijvend. De uitdagingen waarmee de wereld en de maatschappij worstelen, worden hier besproken en ontrafeld. Oplossingen worden bedacht en uitgezet in de wereld. Gelukkig is er ook ruimte voor schoonheid, ontroering en verpozing. Het mag aangenaam, luchtig op zijn tijd. Overal zijn er gesprekken en ontmoetingen rond programma’s, performances en thema’s. De kunsten zijn een onlosmakelijk onderdeel van het vormgeven van de maatschappij. Met het theater als facilitator.

 

De bron

Theater heeft een sociale, maatschappelijke functie. De betrokkenheid van het publiek fluctueert door de eeuwen heen. Grofweg van de Grieken tot de Middeleeuwen was theater dé manier om mensen, alle mensen, te vermaken, te informeren en zelfs te onderwijzen. Het publiek bemoeide zich actief met het gebodene. Zo anders dan de afgelopen eeuw, waarin het publiek nauwelijks uit de rol van toeschouwer kwam en de theaters een select publiek wisten aan te spreken.

De kunsten zijn van oudsher verbonden met gemeenschap en zingeving. Van brood en spelen tot devote kunstuitingen, van nationale trots tot bruisende amateurfestivals. Kerken hebben het zingevingsaspect van de kunsten lang ingekapseld. Inmiddels is de ontkerkelijking en individualisering een feit. Sociale media voorzien in een behoefte aan gemeenschappelijkheid, maar een groeiend aantal mensen toont behoefte aan de fysieke vorm daarvan. Het grote succes van festivals, de groei van sportverenigingen, maar ook het ontstaan van breiclubs anno 2015 getuigen van die drang naar gemeenschappelijkheid.

Tijd voor het heruitvinden van theater.

Mensen kruipen ook bij elkaar voor een beter milieu, oplossingen voor de vluchtelingenproblematiek, ‘echte’ en diepgravende journalistiek. Met de vele particuliere ‘do good’-initiatieven organiseren veel mensen hun zingeving tegenwoordig zelf. Hoewel het theater bij uitstek geschikt is om te voorzien in zingeving en samenkomst te huisvesten, zelfs aan te jagen, gebeurt dit slechts mondjesmaat. Publiekstrekkers en commerciële verhuringen worden niet geprogrammeerd om een band op te bouwen met het publiek, maar vooral uit financiële overwegingen.

Het huidige tijdsgewricht kenmerkt zich door grote maatschappelijke uitdagingen en razendsnelle technologische ontwikkelingen. Ook het publiek verandert, bepaalt zelf wel waar het heen gaat en wanneer, laat zich leiden door sociale media en netwerken en niet meer door een ‘opgelegde’ canon. Hoge en lage cultuur versmelten. De toeschouwer zoekt veel vaker de actieve rol, wil meedenken, meedoen. Tijd voor het heruitvinden van theater.

 

Nieuwe rol van het theater

Om te kunnen voorzien in de behoefte aan fysieke gezamenlijkheid en zingeving, moeten theaters actief de verbinding zoeken met de actualiteit en het publiek: de transitie van een huis louter voor toneel naar een gemeenschapshuis waar kunst en maatschappij samen komen. Door in te spelen op de vraag naar gemeenschappelijkheid en zingeving en daarbij het publiek te betrekken, versterken theaters hun relevantie, nu en in de toekomst.

Onder theatermakers lijkt bovengenoemde ontwikkeling allang in gang gezet. Eric de Vroedt was voorloper in 2005 met zijn Mighty Society-reeks over maatschappelijke ontwikkelingen en discussie met het publiek na de voorstelling. Wunderbaum, Adelheid Roosen, Nieuwe Helden, Marjolijn van Heemstra, Sadettin Kirmiziyüz en Anoek Nuyens zijn maar enkele voorbeelden van makers die zich actief met de maatschappij bemoeien. En die zich mengen in discussies en hun publiek uitdagen en betrekken, zelfs incorporeren in de voorstellingen. Voor theaters ligt nu de opdracht een aantrekkelijke, relevante plek voor dergelijke theatermakers te zijn.

Daarnaast moeten theaters ook zelf de actualiteit in huis halen. Door samen te werken met maatschappelijke organisaties en bedrijven en door zelf te agenderen en soms zelfs stelling te nemen. Onlangs ontstond uit een burgerinitiatief van een advocaat, een kunstenaar, een manager en een directeur, een spontane bundeling van krachten van kunstenaars, beleidsmakers, ondernemers en wetenschappers onder de noemer #24uuronbegrensd in de Stadsschouwburg Amsterdam. Een programma van ruim 12 uur rond de vluchtelingencrisis, geïnitieerd vanuit het verlangen bij te dragen aan een humane en duurzame oplossing van het migratievraagstuk. Een programma waarbij de potentie van de kruisbestuiving tussen kunst, geld, denkers en doeners inzichtelijk werd, (vooralsnog) eindigend in een manifest met oplossingen. Voor het theater van de toekomst is dit een begin. Ook de verdere ontwikkeling van burgerinitiatieven wil het theater tonen.

Het publiek zal zo het theater gaan herkennen als de plek waar je geprikkeld en geïnspireerd wordt.

Bij geëngageerde theatermakers en maatschappelijke, actuele programma’s eist het publiek een steeds belangrijker rol op. Het publiek is steeds vaker deelnemer. De gretigheid waarmee het publiek deelneemt aan programma’s als #24uuronbegrensd, voor en nagesprekken bij de opera, de massaproducties van Nieuwe Helden en zeer persoonlijke, intieme bijeenkomsten van Anoek Nuyens is opvallend groot. Theaters kunnen hierop inspelen door publiek actief te betrekken, ook buiten voorstellingen om. De kracht van het theater zit niet in het organiseren van praatprogramma’s of debatten, maar in het combineren van de instrumenten van de verbeelding met alle mogelijke disciplines – wetenschap en kunst gelijk. Alles om de deelnemers aan te zetten tot nadenken, verbinden, zelfs transformeren. Door te zoeken naar het moment na de voorstelling of het programma, om daar door te gaan, uit te nodigen tot verdere reflectie. Door vragen te stellen, te verrassen, te confronteren.

Het publiek zal zo het theater gaan herkennen als de plek waar je geprikkeld en geïnspireerd wordt. Waar je nieuwe visies tegenkomt en toetst. Waar je gezamenlijk zoekt naar nieuwe wegen en vergezichten. Het theater is nadrukkelijk open voor iedereen. Voor iedereen die wil nadenken. Die geïnteresseerd is in de wereld waarin we leven en zijn of haar rol daarin.

 

Vereiste ontwikkelingen

Veel theaters zijn uit financiële overwegingen hun gebouw ruimer gaan verhuren. Dat is iets wezenlijk anders dan het uitbreiden van het theatrale aanbod met andere publieksprogramma’s die als doel hebben het theater meer zeggingskracht te geven in het maatschappelijk debat en nieuwe doelgroepen aan te spreken en te betrekken. Een verhuring kan wel een begin zijn van een samenwerking. Theaters moeten de deuren openstellen en zoveel mogelijk maatschappelijke thema’s adresseren, aanvullend op of in samenwerking met theatermakers, maar nadrukkelijk ook als maatschappelijke partij.

Dat vergt een andere manier van inrichten van het theater. Flexibel, open en actief maar ook sturend, risico’s nemend. Zich actief mengend in het maatschappelijk debat, het voortouw nemend in het agenderen van onderwerpen, dilemma’s. Dat vereist lef van leidinggevenden en veerkracht van organisaties. Programmeren wordt uitgebreid met agendazetten. Nieuwe programma’s worden gemaakt, verbindingen en dwarsverbanden ontstaan tussen makers, maatschappelijke organisaties en bedrijven. De gesprekken rond maatschappelijke thema’s moeten worden aangejaagd niet één keer, maar steeds weer. Niet als los zand, maar als stappen naar een betere wereld. Betrokken publiek, organisaties en bedrijven vergemakkelijken de financiering van dergelijke programma’s.

Theaters moeten de deuren openstellen en zoveel mogelijk maatschappelijke thema’s adresseren.

Bestaansrecht van theater in de toekomst

Kunstenaars in het algemeen, theatermakers incluis, kunnen door hun creatieve, onorthodoxe kijk op de wereld een steeds belangrijker rol krijgen bij het mede-vormgeven van een toekomst waarin goed te leven valt voor toekomstige generaties. Innovatie is populair. Er ontstaat een zeker besef dat kunstenaars iets te bieden hebben dat in andere sectoren schaars is: inspiratie en creativiteit. Theaters kunnen de brug zijn tussen deze inspiratie en creativiteit en de maatschappij.

Het bestaansrecht van het theater in de toekomst zit in de kruisbestuiving van kunst en maatschappelijke betrokkenheid. Bovendien biedt een theater een fysieke plek die, juist met de toename van virtueel contact, aan belang zal winnen. In een theater kunnen gelijkgestemden, maar ook juist niet gelijkgestemden, elkaar vinden en ontmoeten. Ze kunnen geïnspireerd raken en bevraagd worden, elkaar bevragen. Zo wordt het theater (weer) een vrijplaats voor gedachten, ideeën en plannen. Een plek waar ontwikkelingen kritisch bekeken worden en waar tegelijkertijd ruimte is voor schoonheid en ontroering. Een plek waar grenzen tussen wetenschap, journalistiek, ‘hoge’ en ‘lage’ kunst vervagen. Waar participatie en samenwerking eerder de norm zijn dan de uitzondering. Een plek nadrukkelijk voor iedereen, en in ieder geval voor iedereen die wil nadenken over de toekomst.

En zo zijn we in 2040 weer terug bij het centraal gelegen theater, deel van een ruime, florerende cultuur van wetenschap, kunst, filosofie en politiek, waar net als in het oude Griekenland burgerschap wordt beoefend. Theaters, streef ernaar die centrale rol in de maatschappij (weer) te vervullen.